Snelle genderdysforie bij tieners: wat ouders moeten weten
Uw zoon of dochter kondigt plotseling aan transgender of non-binair te zijn. Een paar maanden geleden was er geen aanwijzing. Wat is hier aan de hand?
Een nieuw beeld
Snelle genderdysforie — in onderzoek aangeduid als Rapid-Onset Gender Dysphoria (ROGD), in het Spaans Disforia de Género de Inicio Rápido (DGIR) — beschrijft adolescenten, overwegend meisjes, die in de kindertijd geen teken van genderincongruentie vertoonden en tijdens of na de puberteit plotseling een intense genderdysforie ontwikkelen. Volgens AMANDA wijkt dit profiel af van wat eerder in de klinische literatuur is beschreven: de klassieke, vroeg beginnende genderdysforie kwam historisch vooral bij jongens voor. ROGD is niet formeel erkend in de DSM-5 of de ICD-11. Een uitgebreid Nederlands overzicht van de Littman-studie staat op Transspijt.nl.
Het profiel: meisjes, 15, met comorbiditeit
De cijfers hieronder komen uit het onderzoek van Lisa Littman, een vragenlijst die door 256 ouders is ingevuld (bron). Het zijn dus waarnemingen van ouders over hun kind.
- 82,8 procent van de beschreven jongeren is meisje of jonge vrouw.
- Gemiddelde leeftijd waarop zij aankondigden transgender te zijn: 15,2 jaar.
- 62,5 procent had voor het begin van de genderdysforie al minstens één diagnose van een psychische stoornis of een ontwikkelingsstoornis. AMANDA noemt als meest voorkomende: depressie en angst, autismespectrumstoornis, ADHD, dwangstoornis en eetstoornissen.
- 41 procent had voor de transgender-identificatie een niet-heteroseksuele oriëntatie geuit.
Vriendengroepen en sociale media
In 36,8 procent van de door ouders beschreven vriendengroepen ging de meerderheid van de leden zich als transgender identificeren. 86,7 procent van de ouders meldde dat hun kind, samen met het plotselinge begin van de dysforie, meer gebruik ging maken van sociale media en internet, deel uitmaakte van een vriendengroep waarin een of meer vrienden zich in dezelfde periode als transgender gingen identificeren, of allebei. Littman beschrijft inhoud op platforms als Reddit en Tumblr en trekt een parallel met de sociale beïnvloeding die bij eetstoornissen is beschreven. Een toegankelijke bespreking van sociale besmetting en ROGD staat op Transspijt.nl.
AMANDA noemt zelf de beperkingen: alleen ouders zijn bevraagd, niet de jongeren; de ouders zijn geworven via fora die kritisch staan tegenover het affirmatieve protocol, wat een selectie-effect geeft; het onderzoek laat geen oorzakelijk verband zien, alleen samenhangen en hypothesen; en het begrip "sociale besmetting" kan als pathologiserend worden ervaren. PLOS ONE publiceerde het artikel in maart 2019 opnieuw met aanpassingen in onder meer titel, inleiding, discussie en conclusie; het resultatendeel bleef, op enkele aangevulde waarden in één tabel na, ongewijzigd (bron).
Als persoon ben ik liberaal en pro-LGBT. Ik zag met eigen ogen een fenomeen en heb het onderzocht omdat het anders was dan wat de wetenschappelijke literatuur beschreef. — Lisa Littman, zoals aangehaald door AMANDA (vertaald uit het Spaans)
Signalen waar ouders melding van maken
AMANDA beschrijft het begin als een plotselinge aankondiging, waarna in korte tijd naam, voornaamwoorden, kleding, vrienden en de relatie met de ouders veranderen. Uit het onderzoek van Littman haalt de organisatie deze gedragingen na de aankondiging, steeds volgens de ouders:
- 57,3 procent van de ouders beschreef een verslechtering van de relatie met hun kind.
- 49,4 procent van de jongeren probeerde zich van het eigen gezin te isoleren.
- 47,2 procent van de ouders zag het psychisch welzijn van hun kind achteruitgaan.
- 46,6 procent vertrouwde alleen nog informatie over genderdysforie uit transgender-bronnen.
- 25,0 procent ging niet meer om met vrienden die niet transgender waren.
- 22,7 procent uitte wantrouwen tegenover mensen die niet transgender zijn.
Wat het onderzoek zegt
Lisa Littman publiceerde in 2018 in PLOS ONE het onderzoek op basis van ouderrapportages dat dit patroon voor het eerst systematisch beschreef. Het was beschrijvend en verkennend: het stelt hypothesen voor en geeft geen definitieve conclusies. Volgens AMANDA zegt het onderzoek niet dat alle genderdysforie van dit type is, niet dat transgender jongeren zich vergissen en niet dat zij geen zorg zouden moeten krijgen.
Als vervolgonderzoek noemt AMANDA een enquête onder ouders over 1.655 mogelijke gevallen, die zij toeschrijft aan Bailey en Blanchard (2023): 75 procent was meisje en psychische problemen vooraf kwamen veel voor. Noot van de redactie: dit artikel is van Suzanna Diaz en J. Michael Bailey en is op 14 juni 2023 door het tijdschrift ingetrokken (bron). In Spanje vertienvoudigde het aantal verwijzingen naar één genderidentiteitspoli tussen 2012 en 2021, van 18 naar 189, met de sterkste stijging bij adolescenten en jongvolwassenen en bij wie bij de geboorte als meisje is geregistreerd (Expósito-Campos e.a., 2023, bron).
Volgens AMANDA concludeerde de Cass Review (2024) in het Verenigd Koninkrijk dat het model van snelle affirmatie een duidelijke afwijking was van de gangbare klinische praktijk, zonder steun in degelijk bewijs. De richtlijnen van Finland en Zweden, die de Cass Review volgens AMANDA als enige methodologisch degelijk beoordeelde, stellen grondige psychologische exploratie voorop en reserveren medische interventies voor uitzonderlijke gevallen.
Toevoeging van de redactie, niet uit het origineel: de psycholoog Adam Omary schrijft dat hij in een steekproef van ruim 11.000 Amerikaanse kinderen zag dat in 2016 minder dan 1 procent zich als transgender of non-binair identificeerde en in 2023 bijna 10 procent van de meisjes, en dat de grote meerderheid zich binnen een jaar weer als cisgender identificeerde (bron); zie de bespreking op Transspijt.nl. Het medische dossier over puberteitsremmers staat op puberteitsremmers.nl.
Wat ouders kunnen doen
Het belangrijkste is volgens AMANDA om niet overhaast te reageren, in de ene noch in de andere richting: niet afwijzen en ook niet meteen medisch affirmeren. Uw kind heeft tijd en begeleiding nodig, en een hulpverlener die bereid is grondig te verkennen wat er achter het onbehagen zit.
Luister zonder te oordelen en zonder toe te geven aan haast
Uw kind moet voelen dat het met u kan praten. De haast die het misschien voelt ("ik moet nu met hormonen beginnen") hoort bij het proces en is geen teken dat er direct gehandeld moet worden.
Zoek een hulpverlener die een volledige evaluatie doet
Niet iemand die automatisch affirmeert, maar iemand die de hele voorgeschiedenis verkent: eerdere psychische gezondheid, de sociale omgeving, het verloop vanaf de kindertijd en mogelijke onderliggende problemen zoals angst, depressie of autisme.
Informeer u voordat er onomkeerbare beslissingen vallen
U hebt het recht en de verantwoordelijkheid om goed te begrijpen wat elke stap inhoudt voordat die gezet wordt.
Wat u de hulpverlener kunt vragen
Zijn onderliggende problemen zoals depressie, angst, autisme of trauma onderzocht voordat een interventie wordt overwogen? Is de sociale en digitale omgeving van uw kind verkend? Hoe lang is de dysforie er al en hoe heeft die zich ontwikkeld? Zijn psychologische alternatieven overwogen voordat medische interventies worden voorgesteld? Op welk wetenschappelijk bewijs voor de lange termijn berusten de aanbevelingen voor juist dit profiel? Herkent u de signalen hierboven bij uw eigen kind, kijk dan ook bij hulp zoeken.
Vertaald en bewerkt uit het werk van Amanda Familias (Spanje)
← Alle artikelen