Home › Artikelen › Onderzoek naar ouders van kinderen met genderdysforie: steunende moeders oververtegenwoordigd, twijfelende ouders ondervertegenwoordigd
Onderzoek
Onderzoek naar ouders van kinderen met genderdysforie: steunende moeders oververtegenwoordigd, twijfelende ouders ondervertegenwoordigd
Een nieuwe systematic review in Journal of Sex & Marital Therapy concludeert dat in onderzoek naar ouderperspectieven bij genderdysforie steunende moeders oververtegenwoordigd zijn. Ouders die twijfelen of het oneens zijn, zijn in de wetenschappelijke literatuur ondervertegenwoordigd.

Op 8 september 2026 verscheen in het vaktijdschrift Journal of Sex & Marital Therapy een nieuwe systematic review met een simpele maar veelzeggende titel: "Parents' Perceptions of Childhood and Adolescent Gender Dysphoria". De onderzoekers, Stella O'Malley (Universiteit van Dundee) en Robin Ion (Edith Cowan University), doorzochten de internationale wetenschappelijke literatuur op zoek naar één ding: wat weten we eigenlijk over hoe ouders van kinderen met genderdysforie deze periode beleven? Hun antwoord is ongemakkelijk. Er is onderzoek. Maar volgens de samenvatting van de review zijn steunende moeders daarin oververtegenwoordigd en ouders die twijfelen of het oneens zijn ondervertegenwoordigd.
Wat de review onderzocht
O'Malley en Ion doorzochten meerdere wetenschappelijke databases en vonden achtentwintig studies die aan hun inclusiecriteria voldeden. Het waren overwegend kwalitatieve studies. De manier waarop deelnemers werden geworven en de steekproeven werden samengesteld, verschilde van studie tot studie.
Schok, verdriet, en dan: acceptatie
De thema's die uit de studies naar voren komen: ouders beschrijven schok, verwarring, verdriet en onzekerheid, gevolgd door een proces van betekenisgeving en aanpassing. Sociaal stigma en zorgen over de toekomst van het kind worden volgens de review vaak genoemd. Veel studies beschrijven daarna een traject richting acceptatie en belangenbehartiging. Afwijkende of ambivalente perspectieven zijn in de onderzochte literatuur ondervertegenwoordigd.
Het gat in het onderzoek: wie ontbreekt
O'Malley en Ion schrijven dat de literatuur sterk leunt op in hoge mate zelfgeselecteerde steekproeven, waarin steunende moeders oververtegenwoordigd zijn en afwijkende of ambivalente perspectieven ondervertegenwoordigd. Bovendien zijn de meeste studies opgezet vanuit een gender-affirmatief kader. Weinig studies volgden ouders over langere tijd of onderzochten hun ervaringen vanuit verschillende verklaringsmodellen.
Waarom dit ertoe doet voor ouders zoals jij
Voor transouders.nl is deze conclusie geen verrassing, maar wel een bevestiging die zelden zo expliciet in de vakliteratuur te lezen is: als jij twijfelt, als jij eerst vragen wilt stellen in plaats van meteen te bevestigen, dan is jouw perspectief in het gepubliceerde onderzoek ondervertegenwoordigd. Zo vertelden de Limburgse ouders van Eva eerder op deouders.nl dat er volgens hen te weinig ruimte was voor twijfel; hun dochter kreeg hormonen, een borstverwijdering en een baarmoederverwijdering.
O'Malley en Ion concluderen dat de ervaringen van ouders complex zijn en in het huidige onderzoek onvoldoende zijn vertegenwoordigd. Volgens hen is meer diversiteit in methoden en in gezichtspunten nodig om tot een aanpak te komen waarin het gezin wordt betrokken bij de zorg voor kinderen en adolescenten met genderdysforie.
Wil je weten welk ander onderzoek naar genderzorg voor ouders relevant is, dan zetten we dat op een rij in ons overzicht van internationale studies. En hoor je zelf bij de groep die in het onderzoek ondervertegenwoordigd is: je bent niet de enige — sluit je aan bij andere ouders die hetzelfde meemaken.
Bron en verder lezen
Stella O'Malley & Robin Ion (2026). "Parents' Perceptions of Childhood and Adolescent Gender Dysphoria: A Systematic Review." Journal of Sex & Marital Therapy, online gepubliceerd 8 september 2026. Voor dit artikel is de samenvatting van de review gebruikt; de volledige tekst staat achter een betaalmuur. Bekijk de publicatie op PubMed.

Ineke Bosman
Redactie
Veelgestelde vragen
Bron van dit artikel
Journal of Sex & Marital Therapy