transouders.nl

Tijd voor actie!

Transouders.nl is een initiatief van 160+ ouders (juli 2024) die niet gehoord werden in de genderklinieken toen zij hun zorgen uitten.

Home › Artikelen › Het therapie-vinkje als sneltrein naar de genderkliniek

Praktijk

Het therapie-vinkje als sneltrein naar de genderkliniek

Een onderbelicht risico voor ouders die bewust een andere weg kiezen

11 augustus 2026

Ouders die logisch en zorgvuldig proberen te handelen, kunnen onbedoeld precies het tegenovergestelde bereiken van wat zij willen. Een ongezien probleem in de Nederlandse genderzorg.

Medische instrumenten

De logische ouderlijke stap

Een ouderkoppel kwam in beeld bij de oudergroep Gendervisie. Hun kind is 17. In plaats van meteen de genderroute in te gaan, zochten zij een psycholoog die niet primair op gender focust, maar op de andere problemen van hun kind: mogelijke trauma's, seksueel misbruik, depressie, angst, autisme of andere ontwikkelingsvraagstukken. Zij vonden zo'n behandelaar. Dat is precies wat deze ouders wilden: eerst de hele persoon zien, niet alleen de genderklacht.

Wat de klinieken zeggen

Genderklinieken presenteren hun traject als zorgvuldig. Kinderpsychiater Annelou de Vries van het Amsterdam UMC sprak in 2021 tegenover de NOS van "een voorzichtig, zorgvuldig model van zorg, waarbij we nooit over één nacht ijs gaan". Volgens hetzelfde NOS-bericht gaat na de gesprekken gemiddeld 75 procent van alle aanmeldingen door met vervolgstappen (bron). Dat klinkt als selectie. Maar hoe werkt die selectie in de praktijk?

Onze zorg is dat een eerder gevolgd therapietraject daarbij vooral als afgevinkte voorwaarde gaat tellen. Het therapievinkje staat dan in het dossier, en de kliniek kan zeggen: er is al aan de onderliggende problemen gewerkt, we kunnen verder.

De valkuil van de niet-affirmatieve psycholoog

Nu de ouders die zelf de regie namen. Hun kind heeft — op initiatief van de ouders — therapie gevolgd bij een psycholoog die juist niet genderbevestigend werkt. Voor de vorm is er therapie geweest. Maar het door de ouders gewenste resultaat — dat het kind afstapt van de transitiewens — blijft zeer waarschijnlijk uit, omdat het geen intrinsieke keuze van de patiënt zelf was. Toch staat er een behandeltraject in het dossier.

Wanneer het kind zich nu via de huisarts aanmeldt bij een genderkliniek, is de kans dat hij of zij door de intake komt groot. "Goed gedrag." Alle voorstadia-linkjes zijn keurig afgeturfd. Precies wat de ouders niet wilden.

Dit is een catch-22:

Bied je je kind een kritische of exploratieve psycholoog aan, dan kan die therapie bij de intake worden gebruikt als bewijs dat alle voorwaarden zijn vervuld. Je kind kan dan juist sneller doorkomen.

Het systeem ondermijnt zo de ouderlijke intentie. Door het "goede" te doen — niet-affirmatieve, holistische hulp zoeken — kun je je kind juist sneller op de medische route zetten.

Intrinsieke motivatie en desistance

Wij denken dat exploratieve therapie weinig kans maakt als de jongere er zelf niet voor kiest. Wie de eigen genderidentiteit als vaststaand ziet, kan een niet-bevestigende benadering als vijandig ervaren.

Bij een traject van het type "ik doe het voor mijn ouders" verwachten wij daarom weinig echte verkenning. De sessies kunnen oppervlakkig blijven of als weerstand worden ervaren. Ondertussen staat het vinkje wel in het dossier. Onze zorg is dat de kliniek dan "therapie gehad" ziet, en niet de inhoud of het gebrek aan eigen motivatie.

Wat ouders wél kunnen doen

De keuze van een 16- of 17-jarige kun je als ouder niet tegenhouden. Vanaf 16 jaar mag een jongere volgens de wet zelf een behandelingsovereenkomst aangaan en is de toestemming van de ouders niet meer vereist (bron). Wat je wél kunt doen, is documenteren en een zo volledig mogelijk beeld creëren.

Download de Genspect Gender Dysphoria Support Tool (Nederlandse versie) en vul die in met zoveel mogelijk familieleden en kennissen die het kind goed kennen. Draag het resultaat over aan de huisarts, de GGZ-therapeut, de verzekeraar en — als het zover komt — de genderkliniek. Wees open naar je kind toe: je doet dit uit bezorgdheid, omdat je andere problemen ziet en wilt voorkomen dat je kind later spijt krijgt of onnodig medisch wordt behandeld.

De tool is volgens Genspect gebaseerd op de DSM-5-TR-criteria voor genderdysforie en vraagt daarnaast naar onderliggende factoren. Genspect schrijft in de toelichting dat het regelmatig berichten krijgt van ouders wier inbreng bij de beoordeling van hun kind terzijde wordt geschoven. Door dit gestructureerd aan te leveren, leg je een documentatiespoor vast dat later van pas kan komen als er spijt of schade ontstaat. Het veelgeciteerde spijtpercentage van 1 procent komt uit een meta-analyse van spijt na operaties (bron). Critici wijzen erop dat veel van de opgenomen studies een follow-up van maar één of twee jaar hadden en veel deelnemers uit beeld raakten, zodat het cijfer volgens hen alleen een ondergrens is (bron).

Als ouder ben je verantwoordelijk voor de veiligheid van je kind. In de huidige praktijk is grondige documentatie via een tool als die van Genspect een van de weinige concrete stappen die je nog kunt zetten.

Veelgestelde vragen