transouders.nl

Voor ouders. Vragen mogen. Stilstaan helpt.

Voor ouders van kinderen en jongeren met gendervragen — informed consent, signalen, alternatieven voor "affirmation only", lotgenoten.

HomeOnderzoek › Desistentie bij kinderen

Desistentie bij kinderen — wat het onderzoek laat zien

Bij de grote meerderheid van kinderen met genderdysforie verdwijnen de gevoelens in de puberteit — vaak vóór de adolescentie. Dit is geen mening: het is wat decennia aan follow-up-onderzoek aantoont. Steensma, Singh en Zucker zijn de belangrijkste namen. Een toegankelijke samenvatting van het bewijs dat dysforie bij kinderen meestal "uitgroeit" staat op Transspijt.nl.

Wat het onderzoek concludeert

Verschillende onderzoeksgroepen volgden kinderen met dysforie door de jaren heen:

  • Steensma et al. (2011, 2013) — VUmc Amsterdam: van de prepuberale kinderen met dysforie, ontwikkelt circa 60 tot 80 procent géén dysforie meer in de adolescentie.
  • Singh, Bradley & Zucker (2021) — Toronto: in een follow-up van 139 jongens met kindergenderdysforie, persisteerde dysforie bij 12 procent. 88 procent desisteerde.
  • Zucker (2018, review) — De meta-analyse van alle beschikbare studies komt uit op een desistentie-percentage tussen 60 en 90 procent.
  • Veel desisters bleken later homo of lesbisch te zijn — niet trans.
  • Recent UMCG-werk (Arnoldussen e.a.) bevestigde dat veel gendertwijfels in de puberteit alsnog verdwijnen; zie de UMCG-studie op Transspijt.nl.

Belangrijk: deze cijfers gelden voor klassieke, vroeg-ontstane kindergenderdysforie. Voor het nieuwere ROGD-beeld (tienermeisjes met plotselinge dysforie) zijn de cijfers onbekend, maar het natuurlijke beloop is daar mogelijk vergelijkbaar of zelfs gunstiger.

Wat dat betekent voor ouders

  • Als uw kind dysforie heeft, is wachten en tijd geven statistisch het meest waarschijnlijke scenario voor verbetering.
  • De claim "zonder transitie wordt dit nooit beter" wordt door dit onderzoek niet gedragen.
  • Vroege sociale transitie verkleint de kans op desistentie — Steensma zelf waarschuwde hiervoor in zijn proefschrift. Zie ook de bespreking van sociale transitie en persistentie.
  • Veel kinderen die "trans" lijken te zijn, blijken later homo of lesbisch — een normale uitkomst die geen medische ingreep vraagt.

Praktische stappen

  1. Vraag de behandelaar naar de desistentie-cijfers en hoe die meegewogen worden.
  2. Vraag waarom snel handelen geboden zou zijn, gezien deze cijfers.
  3. Houd vast aan de stelregel: tijd is geen schade.

Bronnen

  1. Steensma, T.D. et al. (2013). Factors associated with desistence and persistence of childhood gender dysphoria. JAACAP. pubmed.ncbi.nlm.nih.gov
  2. Singh, D., Bradley, S.J., Zucker, K.J. (2021). A Follow-Up Study of Boys With Gender Identity Disorder. Frontiers in Psychiatry.
  3. Zucker, K.J. (2018). The myth of persistence. International Journal of Transgenderism.

Zie ook