Home › Artikelen › Onderzoekers Amsterdam UMC en LUMC bepleiten heroverweging van informed consent in genderzorg aan jongeren
Onderzoek
Onderzoekers Amsterdam UMC en LUMC bepleiten heroverweging van informed consent in genderzorg aan jongeren
Een onderzoeksteam van Amsterdam UMC en het LUMC, met Annelou de Vries onder de auteurs, bepleit in Medical Law International een heroverweging van informed consent voor genderzorg aan jongeren. Volgens critici betekent dit dat toestemming een doorlopende dialoog wordt in plaats van een drempel vóór de behandeling.

Wat moet een kind begrijpen voordat het aan een onomkeerbare medische behandeling begint? Volgens de klassieke regel: alles wat relevant is, en wel vóórdat de eerste prik wordt gezet. Een onderzoeksteam van Amsterdam UMC en het Leids Universitair Medisch Centrum — met daarin Annelou de Vries, eerste auteur van de Nederlandse vervolgstudies naar puberteitsremming uit 2011 (bron) en 2014 (bron) — stelt in het artikel "The Fiction of Prior Knowledge: Rethinking Informed Consent in Adolescent Gender-Affirming Medical Care" (Medical Law International, augustus 2026) die volgorde ter discussie. Volgens de bespreking van de LGB Courage Coalition en Jamie Reed lezen Oosthoek, Gerritse, de Vries, Dedding en de Vries hun interviews als aanwijzing dat toestemming een "doorlopende dialoog" (vertaald) moet worden in plaats van een eenmalige drempel vóór de start van de behandeling. Hermes Postma vat het artikel zo samen dat voldoende begrip volgens de auteurs vaak pas tijdens of na de behandeling komt.
Van "vaststaand" naar "wordend"
De kern van het argument is conceptueel: de auteurs stellen, in een door de LGB Courage Coalition aangehaalde zin, dat informed consent veronderstelt dat het object van de behandeling "voldoende kan worden geïdentificeerd en onder woorden gebracht" (vertaald) om erover te kunnen informeren en beslissen. Bij genderzorg aan jongeren gaat dat volgens hen niet op: in de samenvatting van Postma ontstaan genderdysforie als object van behandeling en de patiënt als stabiel subject ín de spreekkamer, in plaats van dat ze er al zijn. De auteurs noemen dat in hun eigen samenvatting het procesmatige karakter van "gender becoming" en pleiten voor een heroverweging van informed consent. In de lezing van de LGB Courage Coalition willen zij dat ambivalentie niet langer een signaal is om te vertragen, maar wordt gezien als "integraal onderdeel van de besluitvorming" (vertaald).
Wat hun eigen interviews laten zien
Het ongemakkelijke van dit pleidooi is dat de onderliggende interviews — afgenomen onder transgender jongeren en clinici in Nederland — iets anders blootleggen dan een pleidooi voor zorgvuldigheid. Volgens de kritische bespreking van Hermes Postma voor Genspect citeert het artikel een jongere die al vroeg doorhad wat er werd verwacht: een bepaald antwoord zou "als meer 'mannelijk' worden gezien en dat zou helpen bij het krijgen van een diagnose" (vertaald). De LGB Courage Coalition haalt uit het artikel de passage aan dat jongeren leren welke verhalen over genderdysforie in de klinische praktijk worden herkend en zich daaraan aanpassen om toegang tot zorg te krijgen. Volgens Postma weten de behandelaars dat en gaan zij toch door met somatische zorg. In de ogen van beide critici is dat geen pleidooi voor een beter gesprek, maar de beschrijving van een diagnostisch proces dat door strategische antwoorden wordt gevormd, waarna de conclusie niet is: eerst dít repareren, maar: stel de eisen aan toestemming bij.
Hetzelfde instituut, opnieuw de bewijslast verschoven
Annelou de Vries is geen willekeurige partij in dit debat: de LGB Courage Coalition en Jamie Reed noemen haar in hun bespreking van 9 september 2026 een van de oorspronkelijke architecten van het Dutch Protocol. Postma wijst op wat hij een omkering noemt: jarenlang was volgens hem de centrale rechtvaardiging voor somatische behandeling van minderjarigen dat genderidentiteit vaststaat, en nu wordt dat argument stilzwijgend ingeruild voor het tegenovergestelde, namelijk dat gender "wordend" is en informed consent daarom onzeker mag zijn. Die "wordendheid" wordt volgens hem bovendien asymmetrisch toegepast: ze wordt gebruikt om de eisen aan informed consent te versoepelen, niet om strengere grenzen aan somatische zorg te stellen. Postma noemt dat het verzetten van de doelpalen zodra de feiten slecht uitkomen. Over belangen bij doorbehandelen staat meer op puberteitsblokkers.nl.
Bron en duiding uit elkaar houden
Belangrijk om hier scherp te houden: het artikel zelf claimt niet dat het toestemmingsmodel wordt "afgeschaft" — de auteurs presenteren hun voorstel in hun samenvatting als een heroverweging ("rethinking") van informed consent. Dat jongeren hun antwoorden aanpassen om een diagnose of toegang tot zorg te krijgen, staat volgens beide besprekingen, die rechtstreeks uit het artikel citeren, in het artikel zelf. Dat dit neerkomt op het loslaten van een essentiële waarborg in plaats van het moderniseren ervan, is de duiding van critici als Postma en Reed — en de duiding die wij hier onderschrijven. Voor ouders die precies hierover twijfelen, staat op onze eigen site meer over wat een geldig besluit eigenlijk vraagt in het artikel over een eerder rapport dat evenmin zichtbaar is meegewogen door de Gezondheidsraad, en over vergelijkbare kritiek op ethisch onderzoek in de Zwitserse AMQG-analyse van een ethiekrapport.
Wat dit betekent voor Nederlandse ouders
Voor een ouder die nu met een kind in een Nederlands genderzorgtraject zit, is dit geen abstracte discussie. Als onderzoekers van het centrum waar deze zorg wordt gegeven toestemming willen opvatten als doorlopende dialoog in plaats van als drempel vooraf, raakt dat aan de vraag wie waarvoor verantwoordelijk is als een jongere jaren later spijt krijgt van een onomkeerbare stap. Een ouder die twijfelt, doet er goed aan expliciet te vragen: op welk moment wordt vastgesteld dat mijn kind de gevolgen begrijpt, en wie beoordeelt dat? Als het antwoord is dat dit begrip tijdens de behandeling vanzelf wel komt, is dat geen garantie — het is precies het punt waarop critici van dit onderzoek zeggen dat de wetenschappelijke onderbouwing andersom hoort te werken: eerst zekerheid, dan pas een onomkeerbare stap.
Bronnen
Oosthoek, E.D., Gerritse, K., de Vries, M.C., Dedding, C., de Vries, A.L.C. (2026). "The Fiction of Prior Knowledge: Rethinking Informed Consent in Adolescent Gender-Affirming Medical Care", Medical Law International, augustus 2026 (DOI: 10.1177/09685332261471001) — het oorspronkelijke artikel staat achter de reguliere toegangscontrole van uitgever Sage; de citaten hieronder zijn ontleend aan de twee kritische besprekingen hieronder, die zelf rechtstreeks uit het artikel citeren.
— Hermes Postma, "Overlooking Lies to Prove Their Point", Inspecting Gender (Genspect), 4 september 2026: genspect.substack.com/p/overlooking-lies-to-prove-their-point
— LGB Courage Coalition & Jamie Reed, "The Fiction of Prior Knowledge — and the People Who Wrote It", 9 september 2026: lgbcouragecoalition.substack.com/p/the-fiction-of-prior-knowledge-and

Ineke Bosman
Redactie
Veelgestelde vragen
Bron van dit artikel
Transouders.nl